Lc 1,39-56 en het pastoraat van ontmoeting Doctoraalscriptie ter afsluiting van de theologiestudie aan de Katholieke Theologische Universiteit te Utrecht vestigingsplaats Amsterdam door Petronella Maria Elizabeth Hogervorst-van Kampen, Juli 1997 Scriptiebegeleider: Dr J.F.M.Smit osa Inleiding In de loop van mijn leven is het verhaal van de ontmoeting van Maria en Elisabet steeds meer voor mij gaan betekenen. Het allereerste begin ligt bij mijn vroege jeugd: met de kabouters vierden we op 2 juli het feest van Maria visitatie. Bij Vrouwen Geloof Bollenstreek las ik Lc 1,39-56 voor het eerst met eigen ogen, en die tekst werd een openbaring voor mij, omdat er een totaal andere Maria uit naar voren kwam dan ik van huis uit had leren kennen. Pas nog later realiseerde ik mij dat het mijn eigen namen zijn die hier in dit verhaal samen komen: (Petronella) Maria Elizabeth. Verbondenheid -over de dood heen- met mijn voormoeders, naar wie ik vernoemd ben, werd voelbaar voor mij. Toen ik tijdens mijn stage de laatste keer mee mocht voorgaan en de verkondiging mocht houden, was het deze lezing die volgens het officiële liturgische jaar aan de beurt was. Het was ook de ontmoeting van Maria en Elisabet die in mijn stageperiode langzamerhand een inspiratie werd voor het pastoraat van ontmoeting. Als je bovendien ontdekt dat het magnificat, het lied dat verbonden is met de ontmoeting van de twee vrouwen, een uitbeelding is van het omvergooien van de piramides van machtsverhoudingen, dan komt naast de troostkant ook de uitdagende kant in het vizier. Daar komt bij dat ik de laatste jaren afbeeldingen spaar van de visitatie. Kerken en musea bezoekend, is het steeds weer een grote vreugde als ik een 'Maria en Elisabet' ontmoet. Gezien deze achtergrond is het niet verwonderlijk dat ik de ontmoeting van Maria en Elisabet heb uitgekozen als onderwerp voor mijn doctoraalscriptie theologie. Ik heb daar twee vragen bij: De eerste is: Hoe is Lc 1,39-56 in de loop van de traditie tot ons gekomen? En de tweede vraag luidt: Kan het verhaal van Maria en Elisabet, dat voor mijzelf een inspiratie is voor het pastoraat van ontmoeting, ook in het algemeen gelden als inspiratie voor het pastoraat van ontmoeting? Om tot een antwoord te komen zal ik drie stappen zetten: ik maak een exegese van Lc 1,39-56 om zicht te krijgen op de tekst. Vervolgens ga ik na hoe het verhaal in de loop van de traditie tot ons is gekomen, om te achterhalen of de traditie recht heeft gedaan aan Lucas en in feite aan Maria en Elisabet en aan ons, christengelovigen. De derde stap zal duidelijk moeten maken wat ik onder pastoraat versta en wat de relatie is tussen het pastoraat en het verhaal van Lucas. Mijn scriptie bestaat dan ook uit drie hoofdstukken, die als het ware een drieluik vormen. In het eerste hoofdstuk maak ik een exegese van Lc 1, 39-56. Ik bekijk deze tekst vanuit feministisch perspectief. Daarbij maak ik gebruik van de narratieve methode, om de schrijver optimaal aan het woord te laten. Ik zal kijken naar de plaats die de perikoop inneemt in het geheel van Lucas 1 en 2 en ook relevante lijnen naar het Oude Testament zullen aan de orde komen. Zo hoop ik zichtbaar te maken wat Lucas ons met het verhaal wil zeggen en wil ik een beeld krijgen van de twee vrouwen die in de perikoop een rol spelen. In het tweede hoofdstuk zal ik nagaan welke beelden van de perikoop in de loop van de traditie tot ons zijn gekomen. Ik bekijk dat aan de hand van de iconografie, met name die van de schilderkunst. Zes afbeeldingen van de ontmoeting van Maria en Elisabet, gemaakt in verschillende tijden, zal ik naast elkaar leggen en iconografisch bespreken. Zo wil ik zichtbaar krijgen hoe het verhaal in de loop van de traditie tot ons is gekomen, en bezien of dat overeenkomt met het verhaal van Lucas, in feite met mijn conclusie van het eerste hoofdstuk. Het derde hoofdstuk ten slotte, gaat over het pastoraat en over de vraag of Lc 1,39-56 in het algemeen van inspiratie kan zijn voor het pastoraat. Daartoe zal ik eerst duidelijk moeten maken waarom je een bijbelverhaal zou nemen als inspiratiebron. Tevens zal helder moeten worden welke vorm van pastoraat ik voor ogen heb. Aan de hand van een beschrijving van pastoraat van ontmoeting zal ik met Lucas in gesprek gaan. Om ten slotte een antwoord te vinden op mijn uiteindelijke vraag of het verhaal van Lc 1,39-56 ook in het algemeen een inspiratie kan zijn voor het pastoraat van ontmoeting. |